Hij voelde zich waarschijnlijk een hele kerel, maar was met zijn 23 jaar nog maar een jongeman toen hij zijn Chevrolet 210 kocht. Nu, bijna een kwart eeuw later, is alles aan de auto onder handen genomen en is zijn (jonge)levensproject klaar. Klaar voor een nieuwe eigenaar, want Olger Groen is geen stilzitter. De volgende megaklus staat al in de startblokken; het restaureren en ombouwen van een Fiat 600 naar een elektrische variant.

Het is een hoofdentrekker. Dat merk je als we door het Friese landschap rijden. Duimen gaan omhoog en mensen zitten opeens achterstevoren op hun fiets. Niet zo gek want de Chevrolet 210 is met zijn aparte kleurstelling bepaald geen doorsnee verschijning. “Hij was antraciet toen ik hem kocht”, zegt Groen. “Maar ik kon er niet de juiste kleur mee bij krijgen. Heb van alles geprobeerd. Ik zat een keer in een kleurengids van een lakkenfabrikant te bladeren en toen zag ik het. Blauw turquoise met zwart.” Een keuze helemaal passend bij dit type auto die overigens verkrijgbaar was in drie varianten: de 150, 210 en de veel bekende Bel Air. De 150 was de eenvoudigste, de 210 de iets luxere en de Bel Air was de meest chique uitvoering met veel chroom en vaak in een two-tone uitvoering. De 210 van Olger Groen is uit 1955, heeft een zes cilinder in lijn met een motorinhoud van 3,8 liter, goed voor 123 pk.

Veel bellen

Groen nam de Chevrolet 210 in 1995 over van een vriend die hem een jaar eerder had gekocht. “Hij deed er niets mee. En was van plan om hem in onderdelen te verkopen. In onderdelen, zó’n mooie auto. Zonde om weg te gooien. Dat kon ik niet over mijn hart vergrijgen. Maar eerlijk gezegd wist ik toen niet wat ik me op mijn hals haalde. Ik heb een oude Land Rover gereden en daar moest ik ook vaak aan sleutelen, maar dit was van een heel ander kaliber. Al doende leren. Ik heb er ook lang over gedaan ook omdat ik niet alles begreep. En ik wilde het goed hebben. Als er iets gepoedercoat moest worden dan liet ik dat doen en ik heb ook lasklussen uitbesteed. Ik heb hem eerst helemaal uit elkaar gehaald en op de zolder neergelegd. Toen ben ik gaan zoeken naar onderdelen. Internet had je nog niet, dus vooral heen bellen. Vervolgens heb ik het chassis laten stralen en in de zinkspray en de epoxy gezet. Daar gebeurt nooit meer wat mee. Daarna langzaam de voortrein en de achterophanging er op gezet en begonnen met opbouwen. Alles wat rot was heb ik vervangen of nieuwe stukken in gelast. Alle vier deuren heb ik vervangen. Dat had misschien niet gehoeven, maar op dat moment waren mijn laskunsten nog niet zo goed als nu”, lacht hij.

Vak apart

Ook werden er vier bodemplaten in gelast, de afwateringskanalen vervangen en zo kunnen we nog wel een tijdje doorgaan. De motor is gereviseerd en eigenlijk helemaal nieuw want ook de zuigers, de drijfstangen, nokkenas en klepstoters zijn vervangen. En hij heeft geharde klepzetels, belangrijk voor als je op gas zou willen rijden. Voor Groen zelf is dat niet aan de orde. Lachend: “Op gas moet je koken, niet rijden.” Maar mocht een volgende eigenaar dat willen, dan kan dat. Voor weinig, want compleet zou dat volgens Groen niet meer dan 1.000 euro kosten. Het overwegen waard voor een auto die 1:6 loopt. Nadat ook de deuren door Groen eigenhandig waren afgehangen, kondigde de volgende grote karwei zich aan. “Ik heb de hele auto van binnen en van buiten kaal geschuurd. En helemaal in de washprimer gezet. Daar overheen de grondverf gespoten en weer gladgeschuurd. Ik heb zelf de motorkap gespoten, maar het er met dezelfde gang weer afgeschuurd. Dat is een vak apart, dus heb ik laten doen.”

Moeder Groen

Allemaal leuk en aardig dat blauw turquoise met zwart, maar deze kleur bekleding vinden voor het interieur was nog wel een dingetje. “Je wilt niet weten hoeveel meubel- en autostoffeerderijen ik heb bezocht. Ik ben er wel vijf zes jaar mee bezig geweest.” Maar op een gegeven vond hij een blauwe kleur die heel dicht bij het exterieur kwam. Het enige was, het moest er nog even in. Gelukkig was hulp dichtbij. “Stoffeerders vroegen 600 euro per bank, keer twee en dan moeten de deuren ook nog. Dat werd me te gek. De stof was maar 300 euro. Ik heb m’n moeder gevraagd. Die is handig met de naaimachine. Ze zei ‘oké, maar dan moet je me wel met rust laten’. Dat heb ik gedaan natuurlijk. Redelijk gelukt is een understatement. Geen plooitje te bekennen, moeder Groen verdient een pluim.

Spijt krijgen

Intussen was Groen in 2003 verhuisd van het Noord-Hollandse Uithoorn naar het Friese Dokkum en was de zolder verruild voor een bedrijfsunit. Nadat de auto bij de spuiter vandaan kwam, heeft de opbouw nog twee in beslag genomen. Sinds 2017 is de auto klaar en toert Olger Groen er mee over de Nederlandse wegen. 10.000 kilometer heeft hij intussen afgelegd. Om hem in concours-staat te brengen moeten eigenlijk de wieldoppen nog worden vervangen en aan de binnenkant van de grille zijn een paar roestplekjes die nog onderhanden zouden moeten worden genomen. Hij staat te koop. “Als de nieuwe eigenaar dat wil, zet ik er een nieuwe grill in en eventueel nieuwe wieldoppen op. Want dat is zo leuk aan deze auto, alles is nog te koop. Natuurlijk krijg er spijt van. Maar het is een beetje zo dat nu hij klaar is, ik eigenlijk niet zo goed weet wat ik er mee moet. Daarom ook die Fiat. Dat sleutelen vind ik geweldig.”